Green Hill Valley in Myanmar: zwemmen met Dumbo !

Een kamp voor gehandicapte en/of gepensioneerde olifanten in het binnenland van het magische Myanmar.

Jullie weten dit misschien nog niet, maar ik ben dol op Azië. Ik ben er ontelbare keren geweest en elke keer raakt het mij weer.
Elk land is anders en uniek maar een land dat mij bijzonder is bijgebleven is Myanmar.

Voor jaren waren de grenzen van dit betoverende land gesloten. Meer dan 50 jaar was Myanmar een geïsoleerd land.
Nadat het in 2011 zijn grenzen openstelde, ontpopte het zich tot één van de snelst groeiende economieën in Azië. Maar ook op toeristisch vlak won deze bestemming aan populariteit. Volgens mij is Myanmar misschien wel het meest “pure” land in Azië. Een (nog even) onontdekte parel die je sprakeloos achterlaat.

Ik heb Myanmar in 2016 bezocht en dat helemaal alleen met mijn rugzak. Ik had destijds niets gepland en heb mij laten meevoeren door wat er allemaal op mijn pad kwam. Zonder richting of reisgids heb ik dit bijzondere land ontdekt.

Dit artikel gaat over een uitzonderlijke ervaring die ik daar gehad heb. Ik beloof dat ik nog verschillende artikels zal wijden aan dit prachtige land.
Maar nu wil ik mij vooral focussen op een bijzonder moment dat helemaal “bucketlist-waardig” is: mijn bezoek aan een olifantenkamp.

Plannen en zaken op voorhand boeken is niet aan mij besteed. Ik reis onder het motto “go with the flow”. En zo kwam ik een Amerikaan tegen die in Yangon woonde. Hij werkte er als journalist en verbleef er al enkele jaren. Hij kende het land goed en was een levende getuige van de immense vooruitgang waaraan Myanmar nu onderworpen is. Het land verandert in een ijltempo, wat niet altijd even verstaanbaar is voor de lokale bevolking. Los van feit dat het toerisme aan het boomen is, vind je er nog steeds desolate plekken waar mensen je erg verbouwereerd aanstaren. En al zeker bij mij: met mijn spierwitte huid en rode haar had ik veel bekijks.

Op zijn aanraden trok ik na mijn bezoek aan Yangon richting Kalaw, een heuvelstadje in de Shan-staat.
Kalaw is onder de backpackers bekend voor zijn trekkingen. Je hebt er mooie wandelpaden en vanuit Kalaw kun je trekkingen tot naar Inle-Lake maken. Maar ik had andere plannen.

De Amerikaan vertelde mij dat er dichtbij Kalaw een olifantenkamp was, waar enkele getraumatiseerde en/of gehandicapte olifanten verbleven. Hij had het zelf nog niet bezocht maar naar ’t schijnt kon je daar zwemmen met hen in de rivier. Toen ik dit hoorde, had ik slechts nog maar één doel: ik ging zwemmen met olifanten.

Ik vertrok vanuit Yangon met de nachtbus naar Kalaw. Een slordige 10 uur later arriveerde ik in het holst van de nacht in het kleine slaperige dorp.
Zonder veel poespas werd ik uit de bus gedropt en daar stond ik dan. Het was er koud en donker. Enkele Birmezen staarden mij aan maar ik heb mij nooit één moment onveilig gevoeld. Overwegend zijn de Birmezen zeer lieve en pure mensen.
Misschien maakt dit Myanmar wel zo bijzonder … de bevolking. Mits een klein bedrag wou iemand mij er wel heen brengen met de bromfiets.
Ik kroop achterop met mijn immense rugzak en weg waren we. Ik werd afgezet in een kleinschalige guesthouse en viel in een diepe slaap. Ik zou morgen wel uitzoeken waar ik precies was …

De volgende dag stond ik op, deed mijn venstertje open en zag allemaal heuvels voor mij. Het was zonnig en bloedheet, dit in tegenstelling tot de ijzige kou ‘s nachts. Ik ben onmiddellijk naar beneden gegaan en vroeg aan de eigenaars of ze wisten van een olifantenkamp.
Het is niet evident om te communiceren met Birmezen. Het merendeel spreekt geen woord Engels. Toen ik hen vroeg waar het olifantenkamp was, staarden ze mij enkel aan. Gelukkig kan een foto tonen op je telefoon wonderen doen!
Er werd druk gespeculeerd en ik zag hen bellen. Een half uur later kwam er iemand anders met een papiertje in zijn handen waarop stond dat ik om 12u kon vertrekken naar het kamp, mits ik betaalde voor de taxi.
Blijkbaar hadden ze ook het kamp al gecontacteerd en was ik welkom om de olifanten te bezoeken.

Ik werd opgehaald door een prehistorisch voertuig en reed doorheen prachtige landschappen richting het kamp.
Eénmaal aangekomen werd ik opgewacht door een soort van parkwachter die zich enigszins kon behelpen in het Engels.
Het bleek dat er ook een Franse bezoeker was, samen met mijzelf de enige bezoeker vandaag. We zouden uren met 5 olifanten doorbrengen.

Alles staat in functie van de olifanten. Hen berijden is dan ook ten strengste verboden. Maar hen voederen, spelen en wassen behoorden wel tot de mogelijkheden.

Green Hill Valley is opgericht in 2011 bij een familie die in het verleden al had gewerkt met olifanten.
De focus ligt hier op het verzorgen van olifanten die niet langer fit genoeg zijn om te werken. Het betreft voornamelijk gepensioneerde olifanten (gemiddelde leeftijd is 60 jaar) en/of olifanten met een handicap.
Daarnaast is het een manier om zowel de lokale bevolking als de toeristen kennis te laten maken met deze reuzen…en hen zo wegwijs te maken in hoe je precies met hen moet omgaan.
Hierbij willen ze rekening houden met de natuurlijke habitat en het milieu. Er heerst een groot respect voor dier en natuur. De bezoeker krijgt ook de mogelijkheid om een boom te planten, dit ter bescherming van de natuurlijke omgeving.

De namiddag startte met een kennismaking met de olifanten.

Ik moet eerlijk toegeven dat ik toch wat terughoudend was bij het zien van zulke grote beesten. Het is niet bepaald een kat die je aait. En het was dan ook even aftasten om toenadering te vinden bij hen.
Om hun sympathie enigszins te winnen, mochten we ze voederen. Een olifant is vegetarisch en eet ongeveer zo’n 150 kg per dag!
De Afrikaanse olifant zou zelfs nog meer eten. Wij mochten ze pompoen en zoete aardappel geven. Met de slurf nemen ze het voedsel en steken het zo in hun mond. Die tong en die slurf zijn gewoon gigantisch.
Daarbij kwijlen ze overvloedig, dus mijn arm hing vol slijmerig olifantenspeeksel. Maar los van dit alles: wat een ervaring!
Zo’n mooi moment om bij zo’n fenomenaal dier te mogen zijn. Je voelt je echt klein en beseft hoe ver we in feite verwijderd zijn van dier en natuur.

Na het voederen mochten we gaan wandelen met hen. Het kamp bevindt zich in een schitterende omgeving, waar je alleen het ritselen van de blaadjes hoort. Waar je ook kijkt, je ziet enkel natuur, één en al uitgestrektheid.

Myanmar wordt gekleurd door een heel speciale “rode gloed”.
De aarde kan er heel rood zijn waardoor je je soms zelfs in Afrika waant. De wandeling leidde ons naar het riviertje. De olifanten werden nu opgewonden.
Blijkbaar is dat één van hun favoriete momenten. Er werden twee olifanten het water in geleid en dan begon het … in een mum van tijd werden we nat gespoten.
Op dat moment kon ik mij niet meer bedwingen en sprong met al mijn kleren het water in. Met een sponsje mocht ik over hun rug wrijven, een soort van peeling als het ware. Ik stond nu vlak naast de olifant tot aan mijn middel in het water.

Eén groot oog met opvallend lange wimpers staarde mij aan. Heel hun lijf was bedekt met een soort borstelig donshaar.
Ik wreef over het hoofd van het dier en voelde alleen maar liefde. Liefde en dankbaarheid.
Mijn voorzichtigheid was plots verdwenen en voor minstens 3 kwartier zat ik het dier te aaien in het water. Ik ben van kleins af een grote dierenvriend geweest maar tot dan had ik nooit de mogelijkheid gehad om met zo’n immens dier zo dicht in contact te staan.

Ik ben voor Myanmar ontelbare keren in Thailand geweest waar het bulkt van de olifantenkampen. Maar ik heb steeds geweigerd om er eentje te bezoeken.
Ik heb de gruwelijkste verhalen gehoord over hoe ze de dieren behandelen.
Maar hier is het anders, geen massatoerisme, geen ritjes op hun rug, geen kooien … alleen maar natuur en slechts enkele mensen die het beste voorhebben met deze wonderlijke dieren. Eindelijk krijgen ze de rust waar ze recht op hebben !

Als dat geen uniek moment was. Ik denk soms dat ik onbewust bezig ben met mijn bucketlist af te werken.
En deze ervaring was zeer “bucketlist-waardig”. Het is iets waar ik vaak nog aan terug denk, een moment dat onmiddellijk een glimlach op mijn gezicht tovert.

Plan je zelf een bezoek aan Myanmar? En wil je zelf deze ervaring beleven? Neem dan zeker een kijkje op de website: www.ghvelephant.com

Reken een 80 à 100 dollar per persoon. Het aantal bezoekers blijft beperkt tot 8 personen per dag. Ik had het geluk dat wij slechts met 2 waren, hierdoor konden we van extra aandacht van de olifanten genieten. Wees je ervan bewust dat dit geen massatoerisme-attractie is. Respect voor het dier en zijn omgeving staat hier centraal. Als je er bent, kun je ook een boom planten en iets doneren voor het onderzoek dat het kamp doet in functie van deze dieren en hun omgeving. Vanuit Kalaw kun je een taxi regelen want het kamp ligt wel afgelegen.

Liefs,

La Rossa